Wat als Erasmus niet het gedroomde sociale avontuur wordt?

'Schep niet dat beeld van een eeuwigdurende orgie'

17 februari 2020
Article
Auteur(s): Ana Van Liedekerke
Erasmus is de droom van elke student-avonturier: je ‘studeert’ maar ondertussen wedijver je in exotische streken met Bacchus in feestgedruis. Toch komen sommige studenten terug van een kale reis.

Wie eens op uitwisseling is vertrokken, herinnert zich de bezorgdheid voor vertrek: ga ik wel vrienden vinden? Maar dan spreek je met medestudenten die het Erasmusavontuur achter de rug hebben en die verzekeren je: dat gaat vanzelf. Op Erasmus wil iedereen vrienden maken, en voor je het weet heb je een gigantische sociale kring rond je. Na een semester terug huiswaarts keren is vaak een confrontatie met het grote zwarte gat. Alleen gaat dat plaatje niet voor iedereen op. Anton* en Bas* waren beiden blij om terug op Belgische bodem te zijn.

Hooggespannen verwachtingen

Anton vertrok in september 2018 naar Madrid. Hij was vooral geïnteresseerd in een andere taal en cultuur, en hoopte dat op Erasmus alles er iets losser aan toe ging dan in Vlaanderen: 'Op basis van sommige verhalen stel je het je heel rooskleurig voor. Een soort orgie van vriendschap, met een bonte verzameling van Europese Boheemse vrienden die je blik verruimen.' Eigenlijk zijn je verwachtingen zo hoog dat het onmogelijk is daaraan te voldoen, maar dat besef kwam pas achteraf.

Zichzelf omschrijvend als 'niet asociaal, maar ook niet enorm sociaal vaardig', kwam op voorhand vanzelf de vraag opborrelen of dat wel zo gemakkelijk zou gaan, die nieuwe sociale context. Anton vroeg raad aan vrienden die op Erasmus waren geweest. Hij ziet twee problemen met hoe zijn verwachtingen werden gevormd: 'Ten eerste zeggen mensen je dat het vanzelf zal gaan, het maken van vrienden en het aanpassen in een nieuwe stad. Dat is gemakkelijk te zeggen als je een leuke periode hebt gehad, maar die eerste dagen is dat niet het geval.'

'Om naar het feestje te gaan, moest je in de Facebookgroep plaatsen met wie en hoeveel je kwam'

Anton, Erasmusstudent

'Ten tweede geven ze je net angst door te zeggen dat je er snel bij moet zijn. De groepen vormen zich snel en je moet naar alle activiteiten gaan in de eerste week.' Dat zorgt voor stress in het begin: 'Als je in de eerste of tweede infosessie niet in een vriendengroep zit, denk je dat het al afgelopen is. Je krijgt een verkrampte houding, en dat verhindert een organisch omgaan met dat nieuwe leven.'

Vrienden maken

De eerste zorg in een nieuwe stad is het mensen leren kennen, om niet alleen in je kamer te blijven zitten. Anton herinnert zich de eerste infosessie, waar alle Erasmusstudenten in een grote aula worden verzameld: 'Ik heb geen gesprekken aangeknoopt. Toen er achteraf een rondleiding werd gegeven in groepen, ben ik naar huis gegaan.' 

Die avond was er een openingsfeestje voor Erasmussers. Om er naartoe te gaan, moest je in een Facebookgroep plaatsen wie je was en met hoeveel personen je kwam. 'Dan zie je groepjes van drie of vijf.' Toch wilde hij niet opgeven: 'Ik zette een bericht: Anton, utterly and totally alone.' Maar voor de ingang bedacht hij zich. 'Ik ben er drie keer langs gelopen. Maar er is de angst dat er overal groepjes staan en dat je er niet zomaar bij kunt. Uiteindelijk ben ik terug naar kot gegaan.'

Bij Bas, die in 2018 voor zes maanden in Berlijn zou studeren, was de situatie iets anders. Doordat hij zich op voorhand mentaal niet goed in zijn vel voelde, was het ontworteld worden uit de vertrouwde omgeving een grote stap: 'Ik was al wat depressief voor ik vertrok. Dan is Erasmus moeilijk.' Aan de opvang lag het volgens hem niet: 'Op zich was alles goed geregeld: er waren activiteiten en je kan mensen leren kennen. Maar je moet wel over jezelf heen stappen en meedoen met het spel. Dat heb ik niet gedaan.'

Dat ligt niet noodzakelijk aan de invulling van de uitwisseling, maar wel aan de nieuwe context op zich: 'Erasmus is een vreemde situatie omdat je zeker in het begin erg alleen bent.'

Kenteringen

De eerste drie weken was Anton erg alleen. Door zijn liefde voor boeken en films overleefde hij: 'Ik heb het geluk goed alleen te kunnen zijn, anders was ik waarschijnlijk na twee weken teruggekeerd.' Maar de omslag naar eenzaamheid kwam snel: 'Alleen zijn verandert in eenzaamheid van zodra je behoefte hebt aan dicht menselijk contact, maar dat er niet is.'

Anton besloot te blijven en heeft er geen spijt van: 'Op het sociale vlak is het overheersende gevoel teleurstelling geweest. Maar aan de cultuur, de stad, de taal en de banden die er wel waren, bewaar ik goede herinneringen.' Ook het ontwikkelen van sociale vaardigheden zelf ziet hij als een voordeel: 'Het was een grote uitdaging, maar wel interessant.'

'Op een dag stond ik op en ben ik naar huis gegaan'

Bas, Erasmusstudent

Uiteindelijk zag hij een bericht in een Whatsappgroep van Erasmussers van een jongen die vroeg of iemand mee wilde kijken naar een voetbalwedstrijd in een café. 'Daar ben ik op ingegaan. Zo ben ik met hem en zijn vrienden bevriend geraakt.' Naarmate het semester vorderde, kwamen er contacten bij: 'In een les leerde ik een Bask kennen, met wie ik vele dagen kuierend door Madrid heb doorgebracht.'

Maar de eenzaamheid ging niet over: 'Het werd beter, maar niet fantastisch.' Ook in zijn vriendengroep voelde Anton zich niet helemaal op zijn plaats: 'Alleen de Bask was echt een vriend.'

Voor Bas, die al met mentale problemen kampte, ging de situatie van kwaad naar erger: 'Je bent ongelukkig omdat je niks doet en je doet niks omdat je ongelukkig bent.' Hij benadrukt dat Erasmus niet zozeer de oorzaak als wel de katalysator van zijn eenzaamheid was: 'De problemen die ik toch al had, werden daardoor sterk uitvergroot.'

Voor Anton kwam er in andere sociale situaties als lessen een taalprobleem bij: 'Met de Spaanse studenten kon ik me in de aula’s niet mengen in lessen.'

Teleurstelling en schaamte

Bas besloot terug te keren toen het te erg werd: 'Mijn ouders waren ongerust. Ik heb mijn gedrag wel een paar keer proberen te doorbreken, maar het lukte niet.' Het werd moeilijk voor zichzelf te zorgen: 'Op een dag stond ik op en ben ik naar huis gegaan.'

'Misschien is er te weinig oog voor mensen die door een gebrek aan sociale vaardigheden buiten het opvangsysteem vallen'

Anton, Erasmusstudent

Terugkijkend zou Anton het opnieuw doen, maar dat zou de situatie niet per se veranderen: 'Je kunt je dat voornemen, maar misschien zou het uiteindelijk hetzelfde lopen.'

Praten over het probleem deed hij nauwelijks: 'Ik liet wel weten aan mijn ouders dat ik het moeilijk vond om meteen vrienden te maken. Maar dat ik vele weekends alleen op kot zat, heb ik aan niemand gezegd. Omdat ik het weg stopte, ook voor mezelf.' In Madrid was de mogelijkheid er wel: 'Je kunt naar de organisatie voor buitenlandse studenten gaan, maar dat is ook een grote stap.'

Retrospectief

Bas zou met de zaken die hij nu weet niet meer vertrekken, maar zegt dat het ook anders had kunnen uitpakken: 'Het was niet zo dat ik zwaar depressief was toen ik vertrok.'

Bij Anton zijn er behalve zijn eigen sociale vaardigheden wel externe factoren waarvan hij denkt dat ze mits verandering tot andere resultaten hadden geleid. 'Bij studenten vond ik het nationalisme soms jammer: er was vaak de neiging om zich terug te trekken met mensen van je eigen land.'

Als hij opnieuw zou vertrekken, zou hij ook voor een kot kiezen met andere Erasmusstudenten: 'Dan heb je toch al die vriendengroep.' En ook de structuur zelf was niet helemaal optimaal. De activiteiten met Erasmusstudenten waren volgens Anton goed georganiseerd, maar kunnen nog anders: 'Misschien hebben ze net iets te weinig oog voor de mensen die door een gebrek aan sociale vaardigheden buiten het opvangsysteem vallen. Ze zullen een minderheid vormen, maar ze zijn er altijd.'

Voor het feestje bijvoorbeeld denkt Anton dat het gemakkelijker was geweest als ze de instap voor mensen die alleen kwamen kleiner hadden gemaakt. Door de vraag niet zo op Facebook te zetten, maar door bijvoorbeeld een punt af te spreken om nieuwe mensen te leren kennen.

Hij raadt mensen die op Erasmus geweest zijn aan voorzichtig te zijn met het scheppen van verwachtingen: 'Een persoonlijke ervaring kan niet voor iedereen opgaan. Schep niet dat beeld van een eeuwigdurende orgie.'

* Anton en Bas zijn gefingeerde namen