Achter de schermen bij dansrepetities van 'followfollow'

Jonge dansers centraal in nieuwe fABULEUS-productie

08 november 2021
Reportage
Auteur(s): Ella Meyvisch
Op 17 november gaat 'followfollow', een dansproductie van fABULEUS, in première. Het stuk is een creatieve uiteenzetting van wat het fenomeen 'volgen' betekent in al zijn facetten.

Productiehuis fABULEUS hoopt met hun nieuwe voorstelling followfollow opnieuw te imponeren. Een diverse groep jongeren tussen 13 en 21 jaar dansen mee in het aanhollende stuk followfollow, met choreografie van Koen De Preter. 

In Hasselt zijn de repetities volop aan de gang. Van ver kan je de dansers horen giechelen terwijl ze naar beneden komen gestormd. Aan één lange tafel ploffen ze neer en zetten ze gezellig samen hun eetpauze in. Met een volle maag maken ze zich klaar voor het volgende repetitieluik, want de deadline nadert - en dat voelen ze. 

Volgen: hoe? 

'Waar het over gaat? Ik vind dat altijd een lastige vraag', vangt Koen De Preter aan, de choreograaf van het stuk. 'Maar het gaat dus over volgen, zowel in choreografische zin als in sociale media, mode, muziek, noem maar op. Er zitten bijvoorbeeld referenties in naar de nineties revival. Voor het eerst zie ik de jongere generatie kleren aandoen die ik in het middelbaar droeg; dat vind ik fascinerend.'

'In het stuk wordt voortdurend met tegenstellingen gespeeld'

Koen De Preter, choreograaf

Zo hebben de dansers een gsm mee op het podium, als verwijzing naar hoe wij omgaan met sociale media. Daarmee hint De Preter naar het gebruik van de sociale media-app TikTok: 'Mijn generatie kan dat platform soms wel eens afschrijven als iets heel ordinairs, maar ik zie het creatieve er ook wel van in', bekent hij. 'Op een paar seconden verzint men choreografische antwoorden op bestaande dingen door ze letterlijk te kopiëren, te transformeren of door hetzelfde muziekje te gebruiken, maar er dan iets compleet anders van te maken.'

'Zelf doe ik dat ook in mijn werk', gaat de choreograaf verder. 'Ik put soms inspiratie uit de popcultuur, om het dan te combineren met zaken die er zogezegd niet bij passen. Hetzelfde gebeurt in deze voorstelling, zoals wanneer de dansers op klassieke muziek juist funky bewegingen maken. Met die tegenstellingen wordt voortdurend gespeeld in het stuk.'

Een stuk van jongeren

Voor jongeren is volgen en de zoektocht naar identiteit een herkenbare thematiek. 'Daarnaast vind ik die jeugdige energie fantastisch. Er zit een soort kwetsbaarheid in jonge lichamen op een podium. Er zit op een bepaalde manier een soort onafheid in, op weg naar volwassenheid, wat ik mooi vind om naar te kijken', legt De Preter uit.

'Qua selectie heb ik vooral gekeken naar hun durf, authenticiteit en eigenheid; naar de manier waarop ze met dans omgaan. Bovendien heb ik ervoor gekozen om vooral met acteurs en actrices te werken, waardoor er een grote variëteit bestaat in hun dansachtergrond', zegt hij. 'Het interesseert me niet of ze allemaal hun benen even hoog kunnen gooien. Die gelijkheid van niveaus vind ik meestal saai om naar te kijken.'

Een dansrepetitie is een proces van 'trial and error', van telkens opnieuw proberen

Tijdens de repetities maken we een fractie van het creatieve proces van De Preter zelf mee. Vanaf dat de choreograaf zijn plaats neemt vooraan, heerst er direct opperste concentratie.  

De dansrepetitie focust slechts op een klein deel van de choreografie waarin James (17) de groep al stappend of lopend in verscheidene richtingen leidt; de rest volgt. Het is een proces van trial and error, van telkens opnieuw proberen. Bij elke verandering grijpen de jongeren naar hun notitieboekje en schrijven ze alles vlijtig op. 

Uit de comfortzone

'Ik had nog nooit iets gedaan wat met dans te maken had', vertelt Natan (14) lachend. 'Na de auditie dacht ik: dat was tof om eens gedaan te hebben. Al de rest leek me zoveel beter en meer ervaren, dus ik had nooit verwacht dat ik tot de selectie zou behoren.' James (17) geeft toe dat hij op school enkele uren hedendaagse dans krijgt. 'Maar dat betekent natuurlijk niet dat je opeens kan dansen…'

Ook Miro (17) had zich nog nooit aan de danskunst gewaagd. 'Althans, in het geheim in mijn badkamer misschien, maar niemand mocht dat weten. Om eerlijk te zijn had ik nooit verwacht dat ik het toch zo leuk zou vinden.' James pikt in: 'Ja, ik wil het zeker blijven doen. Vooral op vlak van improvisatie is er echt een wereld voor me opengegaan; dat hoeft helemaal niet eng te zijn.' 

Improvisatie à l'improviste

Opvallend is de genegenheid tussen de dansers. Voor buitenstaanders lijkt het op een doorsnee vriendengroep, ondanks de diversiteit qua leeftijd. Jong en oud zitten gemengd aan tafel. Ze maken grapjes en roepen af en toe over de tafel heen om iedereen in het gesprek te betrekken. Sommige stoelen zijn naar achter geschoven en met opgetrokken knieën eten de jongeren met kijk op alle gezichten. Het lijkt wel alsof ze elkaar al jaren kennen. 

'In het begin was iedereen heel voorzichtig', vertelt James. 'We durfden nog niet compleet los te gaan. Maar na een tijd is er een hoop vertrouwen tussen ons gegroeid, waardoor we onszelf konden zijn zonder de angst dat we elkaar zouden vooroordelen.'

'Ondanks de leeftijdsverschillen heb ik het gevoel dat we een hechte groep zijn geworden. We zijn dan ook bijna elk weekend samen', beaamt Sari (14).

Blik vooruit 

'Mijn stressgehalte valt eigenlijk wel mee, maar het wordt erger naarmate de première dichterbij komt', vertelt Natan. 'Het wachten in de coulissen voordat je op het podium stapt, dat is altijd het ergste', stelt Sari. 'Achteraf denk ik dat we allemaal wel in een zwart gat zullen vallen', merkt James op.

'Het is een interpretatie die vanuit jezelf moet komen, niet vanuit de voorstelling'

Miro, danser

'Als ik heel eerlijk moet zijn, weet ik echt niet wat ik van de productie vind omdat ik totaal niet bekend ben met dansstukken', biecht Natan op. 'Voor ons is het ook anders', gaat James verder. 'Wij hebben heel het proces meegemaakt en vinden het eindresultaat natuurlijk geweldig. Ik kan echter niet inschatten wat het publiek zal denken.' Ook Miro benadrukt de abstractie van het stuk: 'Het is een interpretatie die eerder vanuit jezelf moet komen, niet vanuit de voorstelling.'