Nederlandstalige videolessen als alternatief voor steenkolenengels

Lezersbrief

09 mei 2022
Lezersbrief
Auteur(s): Arno Lehouck
Door de internationalisering van het hoger onderwijs is een vaste waarde de dupe geworden: het Nederlandstalig hoorcollege. De digitalisering kan een oplossing bieden, vindt Arno Lehouck.

De KU Leuven trekt omwille van haar onderwijskwaliteit en ruim opleidingsaanbod een breed internationaal publiek aan. Meer dan een op de zes studenten aan de universiteit komt uit het buitenland en dat aandeel neemt toe. Die internationalisering brengt meer inschrijvingsgeld in het laatje, maar ze gaat ook gepaard met een sterke verengelsing van ons hoger onderwijs.

Professoren staan steeds vaker voor gemengde aula's waar ook internationale studenten aanwezig zijn. De voertaal is daar het Engels. In het kielzog van de pandemie heeft het hoger onderwijs echter een enorme digitalisering doorgevoerd. Elke les wordt vandaag opgenomen en beschikbaar gesteld op Toledo. In het belang van de student moet het dus mogelijk zijn om Nederlandstalige videolessen te voorzien. Eenmaal zo'n opname is gemaakt, kan die voor de komende jaren hergebruikt worden.

De sub-optimale taalbeheersing van zowel professoren als studenten is nefast voor de kennisoverdracht

Les krijgen in een andere taal is niet evident. De meeste professoren beschikken op papier over een C1-taalniveau of hoger, maar dat ligt in de praktijk vaak anders. Velen onder hen drukken zich uit met een gebrekkige woordenschat, waardoor belangrijke nuances in de leerstof wegvallen. Daarnaast spreken sommige docenten met een zwaar en storend accent, wat onaangenaam is om naar te luisteren. Bovendien suggereert onderzoek van Washington University dat dat het moeilijker maakt om leerstof nadien te herinneren.

Ook studenten overschatten hun eigen talenkennis. Een studie uit Nederland toont aan dat studenten tot 40% minder woorden kennen in het Engels dan in het Nederlands. Als de taal van Shakespeare niet uw moedertaal is, hoeft dat niet te verbazen. Maar de sub-optimale taalbeheersing van zowel professoren als studenten is nefast voor de kennisoverdracht, wat de primaire functie is van elke onderwijsinstelling.

Maak van onderwijs in eigen taal opnieuw een prioriteit

In het ideale scenario zou elke les dubbel gegeven worden, één keer in het Nederlands en één keer in het Engels. Voor een fysiek hoorcollege is dat helaas vaak financieel en praktisch onhaalbaar. Daarom laat de huidige wetgeving Engelstalige opleidingen ook in beperkte mate toe. Er moet telkens wel een Nederlandstalig equivalent beschikbaar zijn, maar sommige faculteiten hebben de gewoonte om dat te verwaarlozen en er een spookopleiding van te maken. 

Nederlandstalige videolessen aanbieden is daarom het beste alternatief. Het verhelpt alle taalproblemen en het is een werkbare optie voor universiteiten. Zo'n opname is weliswaar niet voor elk hoorcollege mogelijk. Van een gastdocent, een internationale lesgever of voor een vak met veel actualiteit valt dat moeilijk te verwachten. Maar voer ze in waar het mogelijk is, zeker als de opleidingskwaliteit erdoor op vooruit gaat. Maak van onderwijs in eigen taal opnieuw een prioriteit.

Arno Lehouck is voorzitter van Jong N-VA Leuven en student ingenieurswetenschappen.