Studenten bouwen innovatieve groene racewagen

Van 0 tot 100 in 2,6 seconden

14 maart 2022
Artikel
Auteur(s): Sjereno Cörvers
Elk jaar werken 48 studenten aan een volledig elektrische formule 1-wagen in het kader van een postgraduaat of master. Het gaat om een samenwerking tussen hogeschool Thomas More en de KU Leuven.

Al twaalf jaar lang doet de KU Leuven, onder de naam van Formula Electric Belgium, mee aan de verschillende competities die Formula Student in Europa organiseert. De competitie is in 1980 in het leven geroepen, sinds 1998 doet de KU Leuven mee. Dit jaar gaat het team naar de competities die plaatsvinden in Kroatië, Nederland en Hongarije. De eerste gaat van start op 9 juli. Op 24 mei is de wagen te bewonderen bij Autoworld in Brussel. 

Remko Schippers, teammanager, legt het doel van de competitie uit: 'Je kan ons zien als een innovatieplatform voor bedrijven. Wij pitchen ideeën aan bedrijven of zij pitchen die aan ons.' Er is zo een wisselwerking tussen het onderwijs en het bedrijfsleven. In een latere fase worden de innovaties vaak overgeheveld naar personenauto's. 

De auto heeft een waarde van 300.000 tot 400.000 euro

De auto heeft uiteindelijk een waarde van 300.000 tot 400.000 euro. Daar zitten de marketingkosten nog niet in. Dat bedrag hoeft het team niet uit eigen zak te betalen. 'De sponsoring gebeurt grotendeels in materialen en consultancy door bedrijven', zegt Viktor Cockx, hoofd mechanica. 

Het team maakt bijna alles zelf: het chassis (dat slechts 18 kilogram weegt), de velgen, de elektrische motor en zo verder. Veel onderdelen zijn van carbon, een licht doch stevig materiaal. Het enige dat het team niet zelf maakt zijn de batterijcellen, die een vergelijkbare energieopslag hebben als 50.000 AA-batterijen, en het rubber van de banden. Die worden namelijk in grote fabrieken geproduceerd. 

Competities

Er zijn dynamische en statische evenementen op een competitie. Bij de statische wordt er een kostenanalyse en een ontwerpanalyse gedaan. Ook presenteren ze bij een statisch evenement het businessplan. 

De wagen gaat van 0 tot 100 km in 2,6 seconden

Hoewel de statische evenementen even belangrijk zijn, stijgt de spanning het meest bij de dynamische. Daar wordt de acceleratie, het bochtengedrag en het uithoudingsvermogen van de wagen getoetst. Uiteraard vinden er ook races plaats. 

De baan die ze afleggen is altijd ongeveer anderhalve kilometer, waarop ze twintig rondjes afleggen. Er zijn veel bochten, waardoor de nadruk op acceleratie ligt. Cockx verklaart dat het een afweging is tussen topsnelheid en acceleratie: 'We hebben gekeken naar de verschillende tracks en welke topsnelheid er gehaald kan worden. Zo kunnen we de auto ontwerpen die net die topsnelheid kan behalen.' Die maximumsnelheid is 140 km per uur. De wagen gaat van 0 tot 100 km in 2,6 seconden. 

Opleidingsonderdeel

Het ontwerpen, bouwen en bekendmaken van de wagen gebeurt in het kader van een postgraduaat. Twee daarvan worden aan de KU Leuven gegeven, maar er is ook een mogelijkheid om het via Thomas More hogeschool te doen.

'Als je op een competitie staat weet je waarom je het doet. Het is zo'n geweldige ervaring'

Viktor Cockx, hoofd mechanica

Die laatste ontwerpen een specifiek onderdeel van de wagen. De postgraduaat kan je combineren met een master, waar je twee jaar over doet. Het kan ook in één jaar, maar dan zonder de combinatie met een master. Dat alles gebeurt onder begeleiding van een professor van de KU Leuven en een lector van Thomas More hogeschool. 

Een auto bouwen en meedoen aan competities als student; het kost tijd en energie. Daar moeten we niet lichtzinnig over doen. Je sociale leven moet af en toe het onderspit delven. Het team peilt daarom bij sollicitatie naar motivatie. 

Initiële kennis is minder belangrijk, zolang de bereidheid aanwezig is om kennis op te doen en zich in te zetten voor het team. 'Of een sollicitant motivatie heeft om te leren en te werken aan de auto, dat is the key', vermeldt Schippers. 

Van totale sociale isolatie is geen sprake, geeft Schippers aan: 'Omdat je zoveel tijd samen spendeert, word je meer een vriendengroep.' De opoffering die teamleden maken zijn het ook waard vindt Cockx: 'Als je op een competitie staat weet je waarom je het doet. Het is zo'n geweldige ervaring.'