Volgens de EU is de KU Leuven een boerderij (en ze krijgt er geld voor)

KUL ontvangt jaarlijks 52.354,32 euro landbouwsubsidies

09 december 2019
Artikel
Auteur(s): Daan Delespaul
Zo’n 38% van het budget van de EU gaat naar rechtstreekse subsidies voor Europese boeren. Jaarlijks stroomt nochtans een behoorlijke som geld uit die pot naar Belgische universiteiten.

Het is de suikerpot van de Europese Unie: want via het gemeenschappelijke landbouwbeleid (GLB) stroomt ook dit jaar weer 59 miljard euro uit de EU-begroting naar inkomenssteun voor boeren. Het GLB heeft als doel de voedselproductie in Europa op pijl te houden, maar anderzijds de prijzen voor de consument laag te houden. Die doelen worden bereikt door jaarlijks massale euro’s subsidies naar landbouwbedrijven door te sluizen. Vooral het agrarische Frankrijk zou die steun over de jaren heen verdedigen.

Nochtans zijn er heel wat problemen aan dat beleid verbonden. De berekening van de subsidies is immers rechtstreeks verbonden met het aantal hectare dat een boer bezit. Dat heeft tot gevolg dat 20% van de boeren tot 80% van de fondsen ontvangt. Ook Belgische grootgrondbezitters pikken een mooi graantje mee, en dat leidt vaak tot vreemde situaties. Zo ontvangt de KVLV Leuven jaarlijks een mooie 58.950,50 euro en gaat een kinderdagverblijf in Heverlee met 45.417,38 euro lopen. Ook de KU Leuven staat op de lijst, met een jaarlijks totaal van 52.354,32 euro. Wie de Bodemkundige Dienst België, een (onafhankelijke) spin-off van de KU Leuven, meetelt komt zelfs aan een jaarlijkse 127.459,83 euro. 

Bij de KU Leuven wijst men erop dat het leeuwendeel van dat geld aan de universiteit werd toegekend via de TRANSfarm-site, een landbouwbedrijf van honderd hectare in handen van de KUL in Lovenjoel. Net als de Bodemkundige Dienst België produceert TRANSfarm wel, maar is het hoofddoel onderzoek en niet productie. Hoewel dit niet het originele doel van het beleid is, halen ook andere universiteiten subsidies binnen via onderzoeksinstellingen voor landbouwwetenschappen. De proefhoeve van de UGent, waar onder meer ook de proefdieren van de universiteit verzorgd worden, kreeg vorig jaar 26.932,11 euro. Ten zuiden van de taalgrens duikt de Universiteit van Namen als derde Belgische universiteit op, met 29.663,12 euro.