Waar blijft de vrouwelijke rector?

Historische achterstand aan KU Leuven

08 maart 2021
Analyse
Auteur(s): Tijs Keukeleire
De KU Leuven heeft nog nooit een vrouwelijke rector gehad – als enige in Vlaanderen, samen met de UHasselt. Directe verkiezingen lijken in het nadeel van vrouwen te spelen.

26 stemmen: zo dicht stond de KU Leuven in 2013 bij een vrouwelijke rector. Het was de eerste keer dat er vrouwen – en dan nog wel ineens twee – opkwamen bij de rectorverkiezingen. Ingenieur Karen Maex haalde het toen nipt niet van Rik Torfs in de tweede ronde. 

Ondertussen verkoos de VUB in 1994 al haar eerste vrouwelijke rector, en in 2016 haar tweede. En de allereerste vrouwelijke rector in Vlaanderen was er al in 1978, met Marie De Groodt-Lasseel aan het RUCA, een voorloper van de UAntwerpen – al was die instelling toen nog geen volwaardige universiteit.

Vicerectoren

Aan Maex' kandidatuur ging een hele geschiedenis vooraf. In 2005 was ze pas de tweede vrouwelijke vicerector ooit aan de universiteit, na Emma Vorlat in 1985. Maex kreeg toen meteen een hoge post als vicerector Wetenschappen en Technologie.

'Je kan je natuurlijk afvragen in hoeverre de KU Leuven nu nog getekend wordt door zo'n katholieke cultuur'

Jo Tollebeek, historicus en decaan faculteit Letteren

In 2009 besloot de nieuwe rector Mark Waer om Maex in zijn team te houden, en nam hij bovendien twee andere vrouwen op: Tine Baelmans (nu vicerector Onderwijsbeleid) en Minne Casteels. 'Je ziet dat het tot de 21ste eeuw heeft geduurd heeft voor het normaal werd om in elke ploeg vrouwen op te nemen', stelt historicus Jo Tollebeek.

Die evolutie vindt zijn voorlopige sluitstuk onder huidig rector Luc Sels, die in 2017 zijn eerste genderparitaire ploeg voorstelde: vier mannelijke vicerectoren, vier vrouwelijke, en dan Sels zelf.

Katholieke erfenis

Toegegeven, het was een dubbeltje op zijn kant in 2013: voor hetzelfde geld was in dat jaar samen met Anne De Paepe in Gent ook in Leuven een vrouwelijke rector verkozen. Toch is het niet per se toeval dat in 2013 pas de eerste rectorverkiezingen met vrouwelijke kandidaten plaatsvonden aan de KU Leuven, tegenover het traject van bijvoorbeeld de VUB.

Moeten we kijken naar de katholieke erfenis? 'Misschien was dat een argument tot de jaren 2000', oordeelt Tollebeek. 'Maar je kan je natuurlijk afvragen in hoeverre deze universiteit nu nog getekend wordt door een katholieke cultuur die zo diep in dergelijke bestuurszaken ingrijpt.'

De katholieke cultuur heeft voor een zekere achterstand gezorgd: de eerste vrouwelijke student startte pas in 1920 in Leuven, tegenover de jaren 1880 in Gent of Brussel. De eerste vrouwelijke hoogleraar liet op zich wachten tot de jaren 1960, de eerste 'gewoon hoogleraar' tot de jaren 1970. Dat personeelsstatuut – gesitueerd boven 'hoogleraar' op de academische ladder – is een voorwaarde om rector te worden.

Tollebeek geeft toe dat een vrouwelijke rector in de jaren 1970 onmogelijk zou zijn geweest aan de KU Leuven, terwijl die er toen wel al was in Antwerpen. 'Ik herinner me dat men de komst Emma Vorlat in de jaren 80 een opvallende gebeurtenis vond', zegt Tollebeek. 'Een vrouwelijke vicerector: daar werd over gesproken.'

'In de jaren 70 was een vrouwelijke rector nog ondenkbaar aan de KU Leuven'

Jo Tollebeek, historicus en decaan faculteit Letteren

'Het betekent dat een vicerector toen wel kon, maar dat het nog ondenkbaar was om een vrouwelijke rector te hebben', meent Tollebeek. Het aantal mogelijke kandidaten was toen hoe dan ook onnoemelijk klein.

Niet zo gewone hoogleraren

Het gebrek aan vrouwelijke rector is dus deels een verschijnsel van de 'waterval' van de academische ladder: hoe hoger de functie – van doctorandus over docent tot gewoon hoogleraar – hoe minder vrouwen. Op dit moment is slechts 20% van de Leuvense gewoon hoogleraren vrouw.

Tegelijk lukt het wel al jaren om genoeg vrouwelijke vicerectoren te vinden. Hoe komt dat? Het opvallende is hier dat een rector direct verkozen wordt, maar een vicerector op voordracht van de rector wordt aangesteld door de Academische Raad, het hoogste beleidsorgaan van de KU Leuven.

'Het is nog iets anders om op te komen tegen een zittende rector'

Karen Maex, oud-rectorkandidaat

Je ziet hetzelfde ook bij decanen: in heel de geschiedenis van de KU Leuven hebben er nog maar drie vrouwen aan het hoofd van een van de veertien faculteiten gestaan. Dat is minder dan er vicerectoren zijn geweest. En jawel, decanen worden direct verkozen door de faculteit. Bovendien zijn er wel veel – aangestelde – vrouwelijke vicedecanen.

Procedures

'Als je zelf je team samen kan stellen, kan je heel bewust actie ondernemen voor een genderevenwicht', meent Bea Maes, op dit moment de enige vrouwelijke decaan aan de KU Leuven. 'Bij een verkiezing heb je dat minder in de hand, want je bent meer afhankelijk van het stemgedrag.'

Maar het geldt niet enkel voor teams: wat Karen Maex bijvoorbeeld niet lukte in Leuven, lukte haar drie jaar later wel in Amsterdam. Daar werd ze in 2016 aangesteld als 'rector magnificus', zoals Nederlanders hun rectoren noemen. Dat gebeurde door de Raad van Toezicht van die universiteit.

Vlaanderen heeft haar eerste rector – De Groodt-Lasseel in 1978 – ook te danken aan een Academieraad, en Anne De Paepe is er gekomen dankzij de Gentse Raad van Bestuur: eigenlijk was De Paepe informeel bedoeld om vicerector te worden in het verkozen rectorteam, maar de Raad van Bestuur van de UGent heeft dat in 2013 omgewisseld.

'Vrouwen moeten zich bij verkiezingen kandidaat kunnen en willen stellen', meent Tollebeek. Maes wil niet veralgemenen, maar geeft toe dat 'misschien sommige vrouwen net dat extra duwtje in de rug nodig hebben.'

Zittende rector 

Bovendien, zo stipt Karen Maex zelf aan in een interview met Veto, is het nog iets anders om op te komen tegen een zittende rector dan voor een open vacature: 'In 2013 was het een open vacature, en dan vind ik twee vrouwen op de vijf kandidaten (naast Maex was ook Tine Baelmans kandidaat, red.) al heel behoorlijk. En hopelijk is dat volgende keer nog meer.'

'Ik denk dat de faculteit het wel fijn vond dat het eens een vrouwelijke decaan was'

Bea Maes, decaan faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen

Nu komt net als in 2017 de zittende rector zelf op. Maex wil graag alle vrouwen aanspreken om te durven voor zichzelf op te komen, 'en dan ook niet bang te zijn als het niet lukt.' Jo Tollebeek is optimistisch en ziet het als een positief teken dat er al vijftien jaar bij de rectorverkiezingen consequent vrouwen als kandidaat worden genoemd, zowel in de geruchtencircuits als in de bestuurskamers. Dat zou deze keer ook het geval zijn.

Campagnetroef?

Opkomen als vrouwelijke rectorkandidaat kan ook een expliciete troef van je campagne zijn. 'Maar dat lijkt me heel persoonsafhankelijk', zegt Bea Maes. 'Er zijn misschien personen die dat zouden doen, maar ikzelf ben van de mening dat gender niet relevant zou mogen zijn en dat je daar dus geen campagnepunt van maakt.'

Het was dan ook geen expliciet punt in haar eigen verkiezing tot decaan, meent Maes. 'Ik denk dat de faculteit het wel fijn vond dat het eens een vrouwelijke decaan was, maar ik hoop toch dat het niet de reden was voor mijn verkiezing (lacht).'

In de tussentijd valt alvast een belangrijke maatregel te nemen: het aandeel vrouwelijke gewoon hoogleraren verhogen. 'Zulke genderacties kunnen het verschil maken', stelt Maes. Van een ding is ze alvast overtuigd: 'Die vrouwelijke rector komt eraan.'