Brieven in tijden van corona, deel 2

De verveling wegschrijven

26 maart 2020
Artikel
Auteur(s): Benno Debals
Verveling troef, nu het coronavirus door ons Belgenland waart. Ook voor Veto. Daarom kruipen twee redacteurs in de pen om elkaar afwisselend een digitale brief te schrijven.

Dag Arne, goede vriend

Deze ochtend opende ik mijn raam en zag ik mijn buurman samen met zijn zoontjes, die de tralies van hun lagere school even hebben omgeruild voor wat meer gezelligheid en familietijd, spelen op de grasweide achter mijn huis. Een beeld dat me meteen met een glimlach uit het bed deed stappen.

Mijn glas is nog steeds gevuld, makker, dus zet het jouwe ernaast en drink ervan - maar vergeet je handen niet ervoor, tijdens en erna te wassen. Want in dit tranendal van gehamster en gemediatiseerde paniek, kun je ook iets moois zien. De mensen die dichter bij elkaar komen, ondanks de anderhalve meter afstand die ze houden.

Vooral hier thuis merk ik dat. Uit een combinatie van verveling, tijdpassering en enige vorm van nostalgie, is mijn mama opnieuw taarten beginnen te bakken. Elke dag, 16u stipt, zitten mijn papa, mijn mama en ik samen aan tafel om een bolleke ijs en een stuk taart te eten. Mijn ouders met een citroenjenever, ik met mijn vertrouwde blikje Coca-Cola. Als mijn kotleven weg van huis mijn familiale banden hebben doen verslappen, staan die weer net wat strakker tegenwoordig.

Ook met vrienden voel ik me nog altijd evenzeer verbonden. Samen zitten we in een music league, en hoewel jij aan het verliezen bent en ik aan het winnen, kun je niet ontkennen dat een zeker groepsgevoel gesterkt wordt. Intussen zijn we ook toegetreden tot een filmgroep met vrienden en doen we daarnaast iedere week een live stream van een film. Lekker gezellig.

Zelfs de universiteit is een beetje communaler geworden. Waar het vroeger bij een droge 'vriendelijke groeten' bleef, sluit onze rector zijn mails tegenwoordig steevast af met: 'Zorg voor jezelf en voor elkaar.' Deze pandemie kan er zelfs voor zorgen dat de rector zich om ons bekommert.

Dus vreest niet, Arne, want het leven is mooi. Het is lente en de vogeltjes fluiten. Here comes the sun. Straks wordt het dorre gras in de grasweide achter mijn huis weer een beetje groener en kunnen we allemaal weer ademhalen.

Vanuit een stoel in een zonovergoten tuin stuur ik je de groeten, in de hoop dat je antwoord mijn schoot snel bereikt.


Benno

Deze brief is een antwoord op het eerste deel van Arnes hand. De eerste brief vind je hier

Gerelateerde Artikels