interview> 'Ik had destijds een dubbel nadeel: ik was student én vrouw'

De vrouw die geen Nobelprijs won: Jocelyn Burnell

Voor de internationale dag van Vrouwen in de Wetenschap sprak Veto met Jocelyn Burnell (78), de Engelse astrofysicus wiens ontdekking de sterrenkundige wereld 50 jaar geleden op stelten zette.

Gepubliceerd

Haar ontdekking van radiopulsars in 1967 plaatste haar wereldwijd in de belangstelling, maar toch niet helemaal: zeven jaar later werd de Nobelprijs niet aan haar maar haar begeleider uitgereikt en journalisten bleken meer geïnteresseerd in haar liefdesleven dan haar onderzoek. Het is het verhaal van Jocelyn Bell Burnell, tot op de dag van vandaag een baanbreker voor vrouwen in de wetenschappelijke wereld.

Kunt u ons terugbrengen naar het moment dat u de allereerste radiopulsar ontdekte?
Jocelyn Burnell: 'Zeker! Het was het laatste jaar van mijn doctoraat wanneer ik op zoek ging naar quasars – dat was toen een echte hot topic. Dat zijn zeer verre, sterke bronnen van radiostraling in het universum. Toen ik startte waren er maar weinig gekend, maar ik slaagde erin het aantal omhoog te brengen van twintig tot wel tweehonderd.'

'Een manier om quasars te spotten is door de schijnbare fluctuatie in helderheid. Die is het gevolg van modificaties aan het signaal wanneer het het gebied tussen de zon en de planeten doorkruist. Quasars vertonen snelle veranderingen in helderheid, wat we scintillatie noemen.'

'Ik had destijds een dubbel nadeel: ik was student én vrouw'

'Dat bracht me uiteindelijk op het pad van pulsars: deze sterren pulseren en lijken hiermee op het eerste gezicht op de quasars die van helderheid veranderen, maar de veranderingen zijn nu periodiek.'

'Uit opnames met hoge tijdsresolutie werd dan ook al snel duidelijk dat het hier niet ging om de schijnbare helderheidsfluctuaties van quasars, maar om echte pulsen. Net zoals een vuurtoren, waarvan het licht ronddraait over de horizon en een puls lijkt te geven wanneer het je gezichtsveld raakt. Het was de eerste pulsar.'

Voor die ontdekking kreeg uw begeleider, Antony Hewish, zeven jaar later de Nobelprijs voor Fysica. Dat u geen van de ontvangers was, stootte nadien dan ook op controverse. Zou u vandaag de dag wel tot de ontvangers behoren?
'Tegenwoordig is de jury alvast zeer bewust van gender. Ik had destijds een dubbel nadeel: ik was student én vrouw. In die tijd kwamen beide groepen maar weinig aan bod bij Nobelprijzen. Vandaag de dag worden vrouwen meer erkend voor hun werk in de Nobelprijs committees, wat enorm goed is.'

Dat u die Nobelprijs niet kreeg, heeft ook heel wat media-aandacht gegenereerd. Kwam daar veel goeds uit voor uw carrière?
'Die media-aandacht kwam niet meteen, maar groeide geleidelijk aan met de tijd. De media-aandacht die er toen was, was ook andersoortig. Mijn supervisor Anthony Hewish kreeg alle vragen over de ontdekking en het belang daarvan.'

'Ze wilden weten wat de maat was van mijn buste'

'Daarna richtten ze zich op mij voor wat ze "human interest" noemden. Ze wilden weten wat de maat was van mijn buste, mijn heupen, en mijn taille, hoe groot ik was en hoeveel vriendjes ik gehad had. Of ik mijn haar als bruin of blond zou beschrijven. Dat was de media-aandacht voor een jonge vrouw in die tijd.'

Wat bizar dat iemand voor een wetenschappelijk artikel dergelijke vragen stelt.
'Omdat ze dachten dat dat was wat het publiek wilde. Dat het hun kranten verkocht.'

Was het moeilijk om een vrouw te zijn met een carrière in de fysica?
'Vrouw zijn in de fysica was moeilijk. Weet je, een vrouw zijn met een carrière was in het algemeen niet gemakkelijk. Toen ik jong was, werd van een jonge vrouw verwacht dat ze zou trouwen om later een huisvrouw en moeder te worden. Ze mochten zeker geen carrière nastreven.'

'Vrouw zijn in de fysica was moeilijk. Een vrouw zijn met een carrière was in het algemeen niet gemakkelijk'

'Gelukkig is er tijdens mijn leven veel veranderd. Vrouwen hebben nu regelmatig een carrière en velen nemen zelfs topposities in. Dat is fantastisch! Het is me het ritje wel geweest in de afgelopen 50 jaar.'

Zelf verhuisde u nochtans ook vaak mee met het werk van uw man. Heeft uw carrière daaronder geleden?
'Het is vast en zeker geen standaard academische carrière geweest. Ik nam zowat elke sterrenkunde-gerelateerde job aan in de buurt van waar mijn man op dat moment werkte.'

'Meestal blijven onderzoekers heel hun leven bij dezelfde onderwerpen. Maar ik veranderde daardoor telkens opnieuw van golflengte. Ik startte met radioastronomie, vervolgens gammastraalastronomie, toen röntgenstralingastronomie en ten slotte infrarood en millimeterastronomie (lacht). Een ongewone carrière.'

Welk moment van genderongelijkheid is u het meest bijgebleven?
'Oh, het gebeurde zo vaak. Ik herinner me nog dat onze zoon op de basisschool zat, en op een dag werd hij ziek. De school had mijn telefoonnummer en dat van mijn man.'

'Veel vrouwen van mijn generatie vonden dat ik een thuisblijfmoeder moest zijn'

'Ze belden mij op, maar omdat ik in een vergadering in Londen zat, was er geen antwoord. Toen zeiden ze tegen mijn zoon: "Je bent niet zó ziek dat we papa moeten storen op het werk, toch?" De school was dus erg bereid om een moeder op het werk te bellen, maar de vader niet. Dat soort voorbeelden zijn er legio.'

Bent u veel vrouwen tegengekomen die u geïnspireerd heeft om een carrière in de fysica na te streven?
'Ja, maar vooral onder jongere vrouwen. Voor veel vrouwen van mijn eigen generatie was ik beter een thuisblijfmoeder geweest. Maar ik heb hard gewerkt om meer vrouwen in een positie te brengen waarin ze carrières kunnen uitbouwen. Voornamelijk door universiteiten en academici gevoeliger te maken voor de problemen rond het tewerkstellen van vrouwen.'

Met het prijzengeld van Special Breakthrough Prize van 2,3 millioen pond dat u in 2018 ontving richtte u dan ook de Bell Burnell-beurs op. Wie wil u bereiken met dit fonds?
'Het is bedoeld om de diversiteit in fysicadepartementen te vergroten in het Verenigd Koninkrijk. Dat leidt er hopelijk toe dat niet alleen blanke mannen de mogelijkheid hebben om binnen te geraken, hard te werken en dan zoiets als pulsars te ontdekken. Helaas zijn de fysicadepartementen in het VK nog altijd voornamelijk blank en man.'

'Want zie: een van de redenen dat juist ík pulsars ontdekte was omdat ik heel erg hard werkte. Ik werkte zo hard omdat ik op een van de topuniversiteiten van het VK zat, Cambridge. Iedereen leek er zo zelfverzekerd, iedereen leek zo slim. Ik had het gevoel dat ik niet intelligent genoeg was. Ik was er zeker van dat ze een fout hadden gemaakt door mij toe te laten en dat ze daar na verloop van tijd achter zouden komen en me zouden uitschrijven.'

'Iedere keer dat ik van golflengte veranderde dacht ik: "Ik ben hier niet slim genoeg voor"'

'In het Engels hebben we daar een term voor: imposter syndrom. Dat kwam meer voor in fysica dan in andere disciplines, omdat bijna iedereen destijds blank en man was. Dan voel je je als vrouw of iemand van kleur al snel een buitenstaander.'

Heeft u nog altijd last van dat imposter syndrom?
'Nee, tegenwoordig niet meer. Alhoewel: iedere keer dat ik van golflengte veranderde dacht ik: "Ik ben hier niet slim genoeg voor."'

Dat syndroom komt ook veel voor onder studenten, niet enkel in de wetenschap. Heeft u advies voor hen?
'Mijn strategie was om heel, maar dan ook heel hard te werken, ervan uitgaande dat ze hun fout zouden ontdekken. Ik had me voorgenomen om zolang als ze de fout niet ontdekten mijn uiterste te geven. Ik mocht dan niet slim genoeg zijn voor mijn gevoel, maar dan had ik tenminste alles op alles gezet.'

'Let goed op anomalieën en stel dan de vraag waarom de data niet kloppen'

Wil u nog iets kwijt aan de studenten van de KU Leuven?
'De KU Leuven is een prestigieuze universiteit! Ik raad studenten aan om grondig te werk te gaan. Let goed op anomalieën, dingen die niet passen, en stel dan de vraag waarom de data niet kloppen: is de theorie fout of zijn de data fout? Het is een traag proces, maar onderweg leer je veel, en wie weet ontdek je nog iets wonderbaarlijks.'

Powered by Labrador CMS