PORTRET STEVEN PINKER

Harvards heetste hangijzer: waarom is Steven Pinker zo controversieel?

steven pinker

Steven Pinker geldt als een van de invloedrijkste publieke intellectuelen van zijn tijd. Tegelijk schuwt hij nooit de controverse: hij bood juridische hulp aan Epstein en verdedigde 'rassenrealist' Nathan Cofnas die recent aangesteld werd aan de UGent.

Gepubliceerd
Leestijd: 4 min

Stel je voor dat je een vermaard academicus bent. Eentje die tot de zeldzame soort behoort die de grenzen van de universiteit moeiteloos overstijgt. Je boeken behalen keer op keer bestsellerlijsten, en je lezingen trekken al jaren overvolle zalen. Om op een TED-talk te geraken, besluit je mee te vliegen met een van de beruchtste criminelen van deze eeuw. Twintig jaar later duikt een foto van jou op Epsteins privéjet op en kom je in het oog van de storm terecht.

Steven Pinker weet hoe het voelt om tegelijk gevierd en verguisd te worden. De Canadese cognitieve psycholoog is een van de meest gelezen wetenschappers ter wereld, én een van de meest omstreden. Terwijl zijn boeken over taal en cognitie hem al jaren zowel academische als publieke fascinatie opleveren, vallen zijn uitspraken over de genocide in Gaza, zijn vroegere contact met Jeffrey Epstein, en zijn flirt met het werk van de wetenschappelijke racist Steven Sailer al een poos in slechte aarde. 

'Pinker bewees de advocaat van Epstein een vriendendienst, maar dat betekent niet dat hij sympathie had voor Epstein'

Maarten Boudry, wetenschapsfilosoof

Vorige week schaarde Pinker zich bij de 95 academici die in een open brief de verdediging opnamen van omstreden filosoof en 'rassenrealist' Nathan Cofnas, nadat driehonderd UGent-medewerkers en -studenten eisten dat Cofnas' aanstelling herzien werd.

Pinker, geboren in 1954 in Montréal, is al decennialang verbonden aan Harvard, waar hij uitgroeide tot een academische superster. Die grote invloed heeft ook een keerzijde. 'Hij heeft zich breed uitgesmeerd over verschillende domeinen, en daardoor soms ook te dun', zegt Rudi D'Hooge, professor biologische psychologie aan de KU Leuven. Pinker spreekt namelijk even vlot over taalverwerving als over politiek, gender of kernenergie.

Zijn aantrekkingskracht valt moeilijk te ontkennen. Pinker schrijft steeds helder en meeslepend, wat zijn boeken een flair geeft die aanslaat bij een breder publiek. 'Hij is een uitzonderlijke verteller', zegt D'Hooge. 'Hij schrijft stilistisch sterke boeken en weet complexe materie toegankelijk te maken voor een groot publiek.' 

Controverse-machine

Dat Pinker overal iets over te zeggen heeft, levert hem geregeld kritiek op. Toen hij de beschuldiging dat Israël een genocide pleegt een 'blood libel' noemde, joeg hij pro-Palestijnse actievoerders aan Harvard in het harnas. Blood libels zijn middeleeuwse antisemitische beschuldigingen waarin joden als kindermoordenaars worden afgeschilderd. 

Volgens wetenschapsfilosoof Maarten Boudry is de uitspraak minder absoluut dan ze klinkt. 'Hij bedoelt niet dat iedereen die Israël beschuldigt van genocide anti­semitisch is, maar dat de beschuldiging historisch uit antisemitische denkbeelden voortkomt.'

Ook zijn rol in de juridische verdediging van Jeffrey Epstein blijft Pinker achtervolgen. Naast enkele ontmoetingen – onder andere op Epsteins privéjet – hielp Pinker in 2007 een bevriende advocaat van Epstein een juridisch document te interpreteren. Pinker noemde het later een inschattingsfout en distantieerde zich uitdrukkelijk van Epstein. 

Steven Pinker in 2004 op een diner georganiseerd door Jeffrey Epstein, samen met onder anderen toenmalig Harvard-voorzitter Larry Summers. Die nam onlangs ontslag als professor aan Harvard vanwege zijn banden met Epstein.

'Het is nochtans heel normaal dat advocaten experts raadplegen', zegt Boudry. 'Pinker bewees de advocaat van Epstein een vriendendienst, maar dat betekent niet dat hij sympathie had voor Epstein.' 

En dan is er nog de kwestie-Sailer: Pinker nam een essay van Steve Sailer, een verdediger van wetenschappelijk racisme, op in de bloemlezing The Greatest American Science Writing. Volgens Boudry moet je de publicatie van de onderzoeker scheiden. 'Het is bovendien typisch Pinker om te zeggen: "Ik vind dat gewoon fantastisch onderzoek; wat de persoon daarnaast verkondigt, je m'en fous".'

Die houding hoeft niet te verbazen. Pinker staat bekend als een onverzettelijke voorstander van absolute academische vrijheid. Zo verbrak hij elke associatie met het wetenschappelijk tijdschrift Nature Human Behavior, toen het in 2022 aankondigde dat het inzendingen kon weigeren die de biologische of culturele superioriteit van een sociale groep aan­dragen. 'Hoe weten we dat artikelen zijn gecontroleerd op waarheidsgetrouwheid in plaats van op politieke correctheid?', verklaarde Pinker toe

Intellectueel zonder grenzen

Pinker is een academicus die zich niet laat begrenzen door expertise, en dat wordt hem niet altijd in dank afgenomen. 'Sommige academici vinden hem een nestbevuiler', zegt D'Hooge. 'Soms verwijten ze hem dat zijn info gedateerd is, of dat hij zijn boekje te buiten gaat'. Ook de wetenschappelijke thema's die Pinker uitkiest, zijn geregeld voer voor discussie. 'Hij selecteert uit de cognitieve en biologische psychologie telkens net die onderwerpen die controverse uitlokken.'

Zo gaf Pinker evolutionaire verklaringen aan cognitieve verschillen tussen vrouwen en mannen. Dat veel van zijn werk op evolu­tionaire psychologie steunt, is volgens D'Hooge geen toeval. 'De evolutie­psycho­logie is een veld dat zich snel leent tot speculatie', zegt hij. 'Het trekt dus veel "raconteurs" aan, denk maar aan Richard Dawkins (een bekend wetenschapper en atheïst, red.). Pinker hoort ook in dat rijtje thuis.'

De Harvard-professor is een vurige voorvechter van verlichtingswaarden en de moderniteit. Daarom rekenen zowel voor- als tegenstanders hem geregeld tot de rational optimism-beweging: een groep Amerikaanse intellectuelen met een uitgesproken optimistisch toekomstbeeld. Volgens hen is er geen reden tot doem­denken over het klimaat of over politieke spanningen. De menselijke rede zal zulke dreigingen kunnen bezweren, zoals zij dat historisch altijd heeft weten te doen.

'Pinker wil vooral scoren met zijn uitspraken. En als hij daarvoor kort door de bocht moet, zal hij dat doen'

Rudi D'Hooghe, professor biologische psychologie (KU Leuven)

Toch ziet Pinker, inmiddels een zeventiger met zilveren krullen op schouderlengte, zichzelf niet als een optimist. Al verdedigt hij een gelijkaardig wereldbeeld als de rational optimists, hij benadrukt dat zijn opvattingen niet gestoeld zijn op een ongeleid vooruitgangsgeloof. Daarom noemt hij zichzelf een 'realist' die met harde data aantoont dat we in de beste van alle tijden leven. 

Die overtuiging botst regelmatig op scepsis. Tegenstanders verwijten Pinker een gebrek aan nuance en een naïeve houding tegenover acute wereldproblemen. De Britse filosoof John Gray noemde een van zijn boeken zelfs 'een parodie van Verlichtings­denken'. 'Pinker wil vooral scoren met zijn uitspraken', zegt D'Hooge. 'En als hij daarvoor kort door de bocht moet, zal hij dat doen.' 

Geen charlatan

Die kritiek raakt aan een bredere kwestie. Pinker belichaamt tegelijk de sterkste en de zwakste kanten van de publieke intellec­tueel, en dat roept vragen op over de grenzen van die rol. 'Pinker is geen charlatan, maar zijn ongenuanceerde houdingen openen wel de deur voor echte charlatans om zich geloofwaardig op te werpen in het publieke debat', zegt D'Hooge. 

'Anderzijds zijn er maar weinigen die zo'n positieve bijdrage hebben geleverd aan de popularisering van wetenschap bij het grote publiek als Pinker. Dat is toch een netto-positieve uitkomst.'

Heb je vragen of opmerkingen bij dit artikel? Stuur ze ons.

Powered by Labrador CMS