INTERVIEW DYLAN COUCK

Demir past beslissingen rond studiebeurzen aan na kritiek Raad van State: 'De motivatie was niet overtuigend'

De aangekondigde verstrenging van de voorwaarden voor een studiebeurs komt er niet volledig. Na een kritisch advies van de Raad van State wijzigt de regering haar voorstel. 'De Raad is strenger dan gewoonlijk over hoger onderwijs', zegt onderwijsjurist Dylan Couck.

Gepubliceerd
Leestijd: 4 min

De minister van Onderwijs, Justitie en Werk heeft werk aan de winkel. Het plan van Zuhal Demir (N-VA) om 34 miljoen euro te besparen op studiebeurzen voor studenten in het hoger onderwijs, werd door de Raad van State kritisch onthaald. 

Om die besparing te realiseren had de minister vorig semester een verstrenging van de voorwaarden voor een studiebeurs aangekondigd. Beursstudenten zouden minstens 54 studiepunten moeten opnemen, mits uitzonderingen voor studenten met een speciaal statuut. Enkel wie jonger is dan dertig jaar zou nog voor een beurs in aanmerking komen. 

Die keuzes vindt de Raad van State nu te weinig gemotiveerd. Dat schrijft De Standaard. 'De Raad stelt de doelstelling om te besparen en een budgettair evenwicht te bereiken niet in vraag, maar wel de manier waarop. Op dat vlak is ze vrij scherp', zegt onderwijsjurist Dylan Couck (UGent). 'De Raad is strenger dan gewoonlijk in adviezen over het hoger onderwijs.'

Waar ligt precies het probleem voor de Raad van State?   
Dylan Couck: 'De Raad gaf zowel advies over de maximumgrens van 30 jaar als over het minimum van 54 studiepunten. Belangrijk is het ontbreken van uitzonderings­categorieën voor studenten die op latere leeftijd beginnen met studeren, of omwille van omstandigheden minder studiepunten kunnen opnemen. De oorspronkelijk voorziene uitzonderingen waren volgens de Raad te beperkt.'

'De instellingen staan hier niet meteen voor te springen'

'In het voorontwerp waren de gemaakte keuzes bovendien te weinig verantwoord. In beide gevallen zijn volgens de Raad de grondrechten van de studenten beperkt, maar niet per definitie geschonden. Wie raakt aan die grondrechten, moet dat voldoende motiveren.'

Hoe uit zich dat?  
'De minimumgrens van 54 studiepunten is een goed voorbeeld. Volgens de Raad motiveerde het vorige voorontwerp het minimum van 54 studiepunten vanuit de idee dat studenten die veel studiepunten opnemen een hogere studievoortgang hebben. De Raad vond dat geen goede en overtuigende reden, want het aantal opgenomen studiepunten zegt niets over je rendement. Je kan er ook weinig opnemen en een hoog rendement hebben.' 

'Nu komt de minister met verduidelijking. Ze motiveert het minimum nu op basis van verwachtingen van de overheid. Van wie een studietoelage krijgt, wordt nu verwacht dat die voltijds studeert, als toegeving aan de staat.'

Moet de regering dat advies volgen?   
'Helemaal niet. De regering zegt nu dat de Raad ongelijk heeft, maar geeft wel gehoor aan de inhoudelijke kritiek. In principe had het de adviezen van de Raad ook naast zich neer kunnen leggen.' 

'Maar als een regering daarvoor kiest, en de beslissing wordt later aangevochten bij het Grondwettelijk Hof, dan staat de kritiek van de Raad al klaar om een procedure aan te spannen. Daar dekt de regering zich nu tegen in. Zo is de Raad een adviesorgaan waar meestal naar geluisterd wordt.' 

'Door het systeem van uitzonderingen belast je de studenten met administratieve hinder.'

'Het is ook een politieke keuze. Vooruit en cd&v waren niet meteen heel tevreden met deze maatregelen. Als de minister van Onderwijs geen rekening had gehouden met de kritiek van de Raad van State, dan kregen haar coalitiepartners munitie om er tegenin te gaan.'

De regering doet een aantal toegevingen. Waarover gaat het precies?   
'Studenten die minder dan 54 studiepunten opnemen maar toch een beurs willen, kunnen daarvoor een uitzondering vragen. Het hoofd van de instelling waaraan de student studeert, moet daarover beslissen. Over studenten boven de dertig jaar die toch een beurs willen, beslist de overheidsdienst AHOVOKS (Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs, Kwalificaties en Studietoelagen, red.).'

Daar staan de instellingen niet voor te springen.   
'Ik denk dat ze deze maatregel niet met gejuich zullen onthalen. De instellingen zullen niet enkel een beslissing moeten nemen over studenten die een uitzondering willen, maar die ook moeten motiveren. Dat zorgt voor een administratieve druk, zeker als het om tientallen aanvragen zou gaan.'

'Het gaat telkens om individuele beslissingen die juridisch aanvechtbaar zijn. Zo belast je een student met de administra­tieve hinder van een aanvraag en een eventuele beroepsprocedure. Ook de instellingen en de overheid zullen rekening moeten houden met extra administratie. Ik kan me niet inbeelden dat een hogeschool of universiteit daarmee tevreden is.'

Dat kan leiden tot een verschillende behandeling van de studenten, afhankelijk van het beleid van hun instelling. Is de kans groot dat dat aangevochten wordt?   
'In theorie is het zeker mogelijk dat zo'n verschillen optreden, juist omdat de instellingen zelf zullen mogen beslissen. Meestal houden de instellingen wel rekening met elkaars positie. Daarover is er minstens enige uitwisseling.' 

'Als die gelijkstelling er niet komt, is een klacht niet vanzelfsprekend. Een student kan een beslissing betwisten indien die strenger is beoordeeld dan die van iemand anders aan dezelfde instelling. Maar als de ene universiteit anders beslist dan de andere, dan is dat een politieke vraag of dit wenselijk is. Juridisch leidt dat niet tot problemen.' 

De minister wil de studievoortgang verstrengen. Vanuit het kabinet klinkt het geluid dat die verstrenging er moet komen om verschillen tussen de instellingen te doen verdwijnen. Wat de studiebeurzen betreft, vergroten de verschillen nu.   
'Dat is inderdaad een inconsistentie. Het gaat wel om andere materie, en om een maatregel die een tegemoetkoming is aan het advies van de Raad van State. Op dat vlak kan de minister de inconsistentie motiveren.'

'De regeling over studiebeurzen is bovendien een meer evenwichtige afweging tussen het recht van studenten op onderwijs en de vrijheid van onderwijs. Bij de voorgenomen maatregelen rond studievoortgang zou de vrijheid van de instellingen veel meer beperkt worden.'

Heb je vragen of opmerkingen bij dit artikel? Stuur ze ons.

Powered by Labrador CMS