ANALYSE EINSTEINTELESCOOP
Einsteintelescoop, de poort naar het heelal: 'Hij kan België op de wereldkaart zetten'
Voor een project waarvan de komst in onze regio onzeker is, is de Einsteintelescoop bijzonder aanwezig. Daarvan getuigt de roadshow die eind maart in onze alma mater passeert, samen met verschillende lezingen.
Terwijl de competitie voor de bouwlocatie van de Einsteintelescoop onverminderd voortwoedt, trekken wetenschapscommunicatoren door Vlaanderen om het brede publiek warm te maken voor het project. Deze maand is Leuven aan de beurt.
De Einsteintelescoop is een Europees project om een nieuwe detector van zwaartekrachtgolven te bouwen. In 2015 detecteerde LIGO, een al bestaande Amerikaanse detector, de eerste zwaartekrachtgolf. 'Maar waar het nu om honderdtallen detecties per jaar gaat, zou het met de Einsteintelescoop over een honderdduizendtal gaan', zegt Tjonnie Li, professor fysica en docent zwaartekrachtgolven (KU Leuven). 'De potentiële ontdekkingen gaan van het ontstaan van het heelal tot de dood van sterren.'
De verwachtingen liggen hoog. 'Het kan voor een nieuwe gouden eeuw in kosmologie zorgen. Zoals het CERN, de Zwitserse deeltjesversneller, dat in het verleden ook deed voor de deeltjesfysica', vertelt Thomas Hertog, professor theoretische fysica (KU Leuven).
Drie kandidaten
De locatie van de Einsteintelescoop staat echter nog niet vast. Drie grote kandidaten worden naar voren geschoven: het drielandenpunt van België, Nederland en Duitsland, de regio Saksen en de regio Sardinië. Die laatste twee zijn van plan om hun krachten te bundelen in een gezamenlijk project.
Duitsland zit dus in een opmerkelijke positie omdat het in twee kandidaturen een vinger in de pap heeft. 'Hun keuze, die nog op federaal niveau moet gebeuren, zal beslissend zijn voor ons', vertelt Hans Plets, CEO van ET Vlaanderen, dat de kandidatuur van het drielandenpunt vanuit Vlaanderen coördineert.
De ruwe schatting van de totale kost van het instrument heeft het over drie miljard euro. Momenteel is het financieel engagement van de betrokkenen rond het drielandenpunt goed voor 1.6 miljard euro. 'Dat is al heel wat, maar we zullen de steun van federaal Duitsland nodig hebben', zegt Plets.
Beide voorstellen hebben hun voordelen en nadelen. Het drielandenpunt is een hotspot van industrie en bezit goede infrastructuur om de bouw in goede banen te leiden. Als tegenargument oppert het ander kamp dat deze bedrijvigheid meer trillingen en dus meer ruis in de metingen introduceert. Sardinië en Saksen zouden meer rust en dus betere nauwkeurigheid bieden.
Beide kampen stellen ook een ander ontwerp voor. Rond het drielandenpunt wil men werken met een driehoekige structuur, terwijl Saksen en Sardinië een voorkeur uitspreken voor twee verschillende L-vormige detectoren. Om het zekere voor het onzekere te nemen, plant Italië om daarnaast ook een voorstel voor een driehoek in Sardinië in te dienen.
Ontzettende trots
In 2027 evalueert een internationaal comité van experten de ontvangen voorstellen. Hun advies zal een belangrijke input vormen voor de uiteindelijke beslissing over zowel de ontwerpvorm als de locatie. Maar de onzekerheid houdt België niet tegen om in Limburg de perfecte locatie te zoeken. Concreet zoekt het een rustige plaats om zo veel mogelijk ruis van de omgeving te voorkomen. Daarom bouwt het de telescoop ondergronds en brengt het de stabiliteit van de ondergrond met proefboringen in kaart.
'Het belangrijkste bij zo'n infrastructuur is serendipiteit, namelijk dat je iets anders vindt dan je eigenlijk zocht'
Opvallend genoeg lijkt er weinig tegenstand van de lokale bevolking te zijn. 'Ik merk bij bewoners vooral een ontzettende trots dat de telescoop dicht bij hen zou komen, maar ook enkele terechte bezorgdheden', zegt Plets.
Zo dreigt de prijs van de grond te stijgen en het stiltekarakter van de omgeving in het gedrang te komen. 'En momenteel zijn het alleen nog maar proefboringen. Wanneer de constructiefase van start gaat, begint het werk pas echt. We zetten dan ook in op een intensief participatietraject met de omwonenden.'
Vlaanderen aan boord
'De Vlaamse overheid heeft heel duidelijk stelling genomen', zegt Koenraad Debackere, voorzitter van Leuven Research & Development. 'Men wil dit steunen en is actief bezig met het leggen van de nodige internationale connecties.' Plets: 'Een argument van de minister-president is dat het project zowat een zesde van de nodige productiviteitsgroei in Vlaanderen voor zijn rekening zou nemen.'
De aanname is dan ook dat het instrument zich ruim zal terugverdienen. 'Het belangrijkste bij zo'n infrastructuur is serendipiteit, namelijk dat je iets anders vindt dan je eigenlijk zocht', zegt Plets. Wanneer technologieën toepassingen blijken te hebben in heel andere sectoren dan waarvoor ze ontwikkeld werden, krijg je zogenoemde spillover-effecten.
'Een mooi voorbeeld is het internet, dat in het CERN is ontstaan', vertelt Plets. Het internet ontstond als een snelle manier om informatie uit te wisselen tussen wetenschappers, maar groeide snel uit tot meer. Een nadeel is dat je spillover niet goed kan voorspellen. 'Je kan niet met zekerheid zeggen: "Voor elke euro die ik erin steek, krijg ik er zoveel terug"', aldus Debackere. Toch twijfelt hij er geen moment aan dat de return er zal zijn.
'Dit is een unieke kans om het volgende CERN in je achtertuin te hebben'
Vlaanderen had alvast een som van 21 miljoen euro veil om nu al wetenschappelijk onderzoek van start te laten gaan. 'Om te vermijden dat het geld verloren zal gaan in afzonderlijke labo's die hun wagonnetje aan de telescoop hangen, is in het voorstel het ontstaan van zogenoemde excellentiecentra ingebakken', zegt Plets. 'De bedoeling is om er een drietal op te richten. We laten onze wetenschappers een niche innemen en hebben de ambitie om daar wereldtop in te zijn.'
Is het geld dan niet verloren als het project niet hier zou landen? 'Ik hoop in de eerste plaats dat de telescoop een Europees gegeven wordt', zegt Debackere. 'Maar de kennis en experimentele inzichten zijn plaatsonafhankelijk. De technologie die hier ontwikkeld wordt is evengoed bruikbaar in Saksen of Sardinië. Vlaamse onderzoekers zullen met die inzichten hoe dan ook mee aan zet zijn.'
Wat verder opvalt is de ijver waarmee ET Vlaanderen samen met de universiteiten draagvlak probeert te creëren voor het project. De telescoop kreeg al een podcast en een roadshow, en is nog lang niet aan zijn laatste publieke lezing toe. Achter de communicatie gaat echter een ander, belangrijker doel schuil: talent werven voor STEM-opleidingen.
Geopolitiek spel
De Einsteintelescoop speelt zelfs mee in het geopolitiek spel tussen de VS en Europa. Om het signaal te isoleren van de ruis, heb je namelijk sterke computers en AI nodig, een domein waarin Europa achterop hinkt ten opzichte van de VS. 'Als we onze achterstand op vlak van investeringen willen goedmaken, kan de Einsteintelescoop een katalysator zijn', vertelt Hertog.
Anderzijds zorgen de spanningen in Amerika en de nieuwe opportuniteiten hier voor een voorzichtig verlies van expertise naar ons. 'We zien bij de al bestaande Italiaanse detector meer sollicitaties van medewerkers van LIGO, de Amerikaanse detector', vertelt Plets. De hoop is dat ook de Einsteintelescoop een magneet zal zijn voor talent.
Li heeft nog een laatste boodschap voor de lezer: 'Dit is een unieke kans om het volgende CERN in je achtertuin te hebben. Hou het zeker in de gaten, want dit kan België echt op de kaart zetten.' Maar eerst wachten op de beslissing.
Van 16 tot 21 maart passeert de ET roadshow in Leuven en op 2 en 17 maart kan je een lezing bijwonen over de Einsteintelescoop.
Heb je vragen of opmerkingen bij dit artikel? Stuur ze ons.