EDITORIAAL ÉÉN JAAR VERMEIRE

Vermeire begrijpt dat vertrouwen deugd kan doen. Demir kan er wat van leren

Yin en yang. Water en vuur. Zo kan je het verschil tussen KU Leuven-rector Severine Vermeire en minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA) tegenwoordig het best beschrijven. 

De twee hebben voor alle duidelijkheid allebei ambitieuze plannen. Vermeire wil de organisatie van de KU Leuven eenvoudiger maken waar dat kan, en na tientallen jaren de interne financieringsstromen herzien. Demir wil de studievoortgang van studenten in het hoger onderwijs verbeteren en hoopt op een nieuw financieringsmodel voor de universiteiten. Dat is telkens niet min. 

Fundamenteel verschillend is de manier waarop de twee die plannen aanvatten. Eerst de rector: tijdens haar campagne in 2025 benadrukte zij steeds het belang van 'vertrouwen' geven. Een open deur met een roze campagnestrik rond, dachten we toen. Maar Vermeire houdt voet bij stuk. 

Voor de herziening van het interne financieringsmodel, die gevoelig ligt bij een groot deel van de universiteit, laat ze de geesten voldoende rijpen. De onderhandelingsmarge die de studenten kregen bij de uitwerking van het nieuwe Participatiereglement, dat de studentenvertegenwoordiging aan de KU Leuven regelt, toont ondertussen aan dat vertrouwen ook in de praktijk werkt.

Houd die argwaan achterwege. De rector kan het u aanleren

Het verschil met Demir mag er zijn. In het leerplichtonderwijs was de minister oorspronkelijk populair, maar neemt de rancune toe omwille van haar stijl. Schooldirecteurs hebben weinig in de pap te brokken. De minister beslist. Hetzelfde geldt voor het hoger onderwijs.

'Er heerst argwaan', antwoordt Vermeire in deze editie op de vraag of de vrijheid van het hoger onderwijs onder druk staat. Want ja, ook wat de universiteiten betreft, trekt de overheid meer naar zich toe. Dat Demir de schroeven van de studieduur dichter wil draaien, ten koste van initiatieven van de instellingen, is er een jammer voorbeeld van. 

Daar houdt het niet op. Terwijl haar kabinet nog niet aantoonde dat er fraude plaatsvindt, lekte in januari in Veto een plan uit om frauderende studenten, die een studiebeurs krijgen maar eigenlijk nooit studeren, aan te pakken. 

Het uitgangspunt? Argwaan. 'Het ontwerp vertrekt vanuit het idee dat alle mensen van nature profiteurs zijn en dat daarom maatregelen nodig zijn', reageerde professor Sociaal Beleid Wim Van Lancker in Veto. Dat het plan ondertussen op de helling zou staan, doet er hier niet toe. Echokamers leiden tot wantrouwen en oplossingen waar niemand om vraagt. 

Daarom een oproep die op het eerste gezicht zweverig lijkt, maar voor een minister evident zou moeten zijn. Maak keuzes, maar betrek de instellingen en de studenten­vertegenwoordigers bij dat beleid. Laat je drijven door vertrouwen, en houd die argwaan achterwege. De rector kan het u aanleren. 

Of wacht. Wat vertelde zij ons? 'We hebben de minister nog niet samen met de vijf Vlaamse rectoren kunnen zien.' Misschien daar eerst eens werk van maken.

Pieterjan Douchy is redacteur Onderwijs. Het editoriaal wordt gedragen door de voltallige redactie.

Powered by Labrador CMS