EDITORIAAL ONDERWIJS

Welke student zet zich nu nog in?

Dat minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA) haar stempel op het Vlaamse onderwijsveld wil drukken, is al wel even duidelijk. De afgelopen twee jaar gooide ze met verschillende maatregelen naar het leerplichtonderwijs, maar nu is ook het hoger onderwijs in haar vizier gekomen. 

Natuurlijk waren er voorbije herfst al enkele pijnlijke besparingsmaatregelen voor de universiteiten, maar Demir laat in een voorlopig ontwerp van decreet ook zien welke richting ze inhoudelijk uit wil. Haar kabinet spreekt van een 'denkoefening'. 

Dat je nu ook voor alle vakken – niet alleen voor je eerste jaar – slechts vier examen­kansen hebt, is een logische doortrekking van het mijlpaalsysteem dat sinds 2023-2024 voor de eerste bachelor geldt. En dat bovendien licht positieve effecten kent.

Een andere maatregel – als het van Demir afhangt – is dat beursstudenten die twee jaar lang slecht scoren, hun tweede beurs in het tweede jaar moeten terugbetalen. Dat is brutaal, maar in het verlengde van de algemene lijn van de Vlaamse regering wat betreft een strikter toezicht op het toekennen van beurzen. De minister zou enkel fraudeurs willen viseren: maar hoe toon je aan dat je als slecht scorende student geen fraudeur bent?

Opvallender is dat studenten in het voor­lopige voorstel elk jaar minstens 54 studie­punten zouden moeten opnemen. Ter vergelijking: momenteel zijn dat er slechts 27. Is je studierendement bovendien lager dan tachtig procent, krijg je 'bindende maatregelen' opgelegd. Kwetsbare studenten komen zo nog harder onder druk te staan. 

Een minder direct zichtbaar gevolg van deze potentiële maatregel is dat het een zwaar studentenengagement moeilijker maakt. Je kan bijvoorbeeld praeses worden van een studentenkring – een mandaat dat je academiejaar weliswaar opslorpt, maar wel heel belangrijk is voor het ondersteunen van de studenten uit je opleiding. 

Het is vast niet de bedoeling om studentenengagement te ontmoedigen. Maar het lijkt er wel erg hard op

Velen nemen hun engagement erbij naast een volledig studieprogramma, maar dat is voor de zware mandaten vaak simpelweg niet mogelijk. Al verschillende LOKO- en Sturavoorzitters namen een stuk minder dan 54 studiepunten op. Hoewel er een uitzondering voorzien is voor zij die slechts op 45 studiepunten van hun diploma verwijderd zijn, wordt het anderen nog steeds moeilijk gemaakt. En daarmee ook het engagement – dat al slinkend is. 

Een deel van de oorzaak ligt ongetwijfeld bij studenten die zich gewoon niet aange­sproken voelen. Maar je moet dieper graven. Het postcoronaklimaat doorbrak de continuïteit bij vele studentenverenigingen. Een andere reden is de toenemende studentenarbeid. De regering-De Wever verhoogde het voordelige tarief voor jobstudenten tot 650 uur per jaar. Een studentenengagement wordt op die manier al snel veel minder aantrekkelijk voor een student, in vergelij­king met een goedbetaalde studentenjob. 

Bovendien zal het verhogen van het voordelige jobstudententarief leiden tot studieduurverlenging, zei fiscalist Michel Maus bij de invoering ervan in Veto. Het is best ironisch dat Demir een fenomeen wil bestrijden, terwijl haar collega-ministers op het federale niveau juist beleid voeren dat het bestendigt. 

Het is vast niet de bedoeling van de overheid om studentenengagement te ontmoedigen. Uitzonderingen zullen mogelijk zijn. Maar het lijkt er wel erg hard op. Hopelijk blijft het bij een denkoefening. 

Elias Fret is hoofdredacteur. Het editoriaal wordt gedragen door de voltallige redactie. 

Een eerdere versie van dit artikel vermeldde dat een student bindende maatregelen krijgt opgelegd wanneer die op minder dan tachtig procent van zijn vakken slaagt. Dat klopt niet: dat is zo voor van een studierendement van minder dan tachtig procent. 

Powered by Labrador CMS