INTERVIEW RONY SWENNEN
Bananenprofessor wordt bananenbaron: 'Het is de tijdsgeest om aan kortetermijndenken te doen'
Al veertig jaar legt professor emeritus Rony Swennen zijn hand aan de grootste bananencollectie ter wereld. Het koningshuis gaf hem eerder deze zomer de adellijke titel van baron voor dat werk. 'Het feit dat er honger wordt geleden, is een schande.'
'Voor ons is het tarwe, voor Amerikanen is het maïs, voor Aziaten is het rijst, maar voor een groot deel van de bevolking in de tropen is de banaan net het belangrijkste basisvoedsel.' Aan het woord is Rony Swennen, de 'bananenprofessor' aan de KU Leuven. Sinds 20 juli, net voor de nationale feestdag, mag de bananenprofessor zich ook bananenbaron noemen. De koning schonk professor emeritus Swennen de adellijke titel voor zijn verdiensten. Die behaalde hij door onderzoek naar – jawel – de banaan, het oprichten van een internationaal erkende bananenverzameling en zijn bijdrage aan de voedselzekerheid.
Nu is de banaan al basisvoedsel voor meer dan vierhonderd miljoen mensen, en volgens economen over twintig jaar het tweede belangrijkste gewas in Sub-Sahara-Afrika: de banaan is booming business. En daar heeft Swennen een rol in gespeeld: veertig jaar geleden legde hij de eerste hand aan een collectie die zou groeien tot de grootste collectie ter wereld.
Baron
Dat levenswerk leverde professor Swennen net voor de nationale feestdag een telefoontje op. Het koningshuis besloot de professor de adellijke titel van baron te schenken. 'Een donderslag bij heldere hemel', zegt hij. 'Ik bleef beleefd toen ik het belletje kreeg, maar ik dacht dat het om een grap ging.'
Een gevoel van ongeloof, dat al snel overging in ontroering. 'Daarna kreeg ik een krop in de keel', gaat Swennen verder. 'Ik heb een zekere leeftijd, ik heb veel meegemaakt. Het draait niet om mij, maar om de mensen die ik met het werk kan helpen.'
En die hulp zou nog veel verder kunnen gaan. 'Met de kennis en technologie die we vandaag de dag hebben, zou er geen honger mogen bestaan in de wereld', zegt hij. 'Het feit dat er wel honger wordt geleden, is een schande.' De bananencollectie van de KU Leuven is een poging om de honger mee te helpen stoppen.
'Ik vertelde rector Torfs dat de Bijbel niet klopte'
Denk daarbij niet aan de banaan die we hier kennen: dat betreft slechts één enkele soort – de Cavendish-banaan, een zoete variëteit. Een misvatting waar ook Swennen aan het begin van zijn onderzoek tegenaan liep: 'We gaan toch geen onderzoek steunen naar de export van bananen?', kreeg hij destijds te horen. 'Maar in landen als Rwanda en Oeganda eten mensen gemiddeld een halve kilo banaan per dag', zegt Swennen.
Die bananen zijn zetmeelgewassen, zoals wij de aardappel kennen. Zo eten ze verschillende variëteiten van het gewas, op verschillende manieren. Niet anders dan bij ons het geval is, meent Swennen: 'Deze ochtend at je wellicht een boterham, en straks drink je misschien een witbiertje. Dat is ook twee keer tarwe.'
Voor de teelt in Afrika kent de banaan veel voordelen: als knolgewas is het uiterst resistent tegen de droogte. 'De banaan kent ook geen seizoenen', zegt Swennen. 'Je kan ze het hele jaar door planten, en oogsten. Dat brengt een enorme voedselzekerheid met zich mee.'
© Miro Vermeulen
Toen Swennen titularis van een leerstoel werd in 2015 onder rector Rik Torfs, grapte hij nog tegen de kerkjurist. 'Ik vertelde rector Torfs dat de Bijbel niet klopte', grinnikt hij. 'Adam en Eva, dat was niet met een appel, maar met een banaan, want de banaan is een van de eerste gewassen die gedomesticeerd werd door de mens.' Maar Swennen kijkt niet op van een mirakel: na twee jaar in het geheim onderzoek te doen, bewees hij dat het mogelijk was om bananensoorten te veredelen.
'Iedereen zei toen dat het onmogelijk was', zegt Swennen. 'Nu produceer ik duizenden nieuwe variëteiten per jaar.' De beste worden opgenomen in de collectie van de KU Leuven. De collectie werkt vandaag de dag als een soort supermarkt. 'Geïnteresseerden kunnen bijvoorbeeld online aangeven dat ze een blauwe banaan willen die na zes maanden bloeit. En ja hoor, die bestaan.' Vervolgens kan men de variëteit bestellen met een druk op de knop. De bananencollectie levert variëteiten aan onderzoekers en aan derden die de planten gaan vermenigvuldigen.
Desinteresse
Dat ondanks de beschikbaarheid van duizenden variëteiten, de banaan nog onvoldoende gesteund wordt, verwijt Swennen aan desinteresse. 'Het is de tijdsgeest om aan kortetermijndenken te doen', zegt hij. 'Als je dat vertaalt naar de biologie, dan krijg je te maken met eenjarige gewassen.' Een onderzoeksproject naar een rijstsoort levert al na een jaar resultaten, voor een project met banaansoorten is al snel vier jaar nodig. 'Bedrijven die met maïs, tarwe of rijst werken, hebben een gigantische voorsprong en veel banden met vele verschillende industriële takken.'
Maar ook daar is professor Swennen steeds op zoek naar oplossingen. 'Ik onderhandel nu met bedrijven die bananen tot bloem willen verwerken, of er chips van willen maken', zegt hij. Dat de andere gewassen daarbij een voorsprong hebben, houdt hem niet tegen. 'Ik blijf gewoon doorgaan', zegt hij. 'Hopelijk ga ik nog tweehonderd jaar mee.' Wij hopen het ook.
Heb je vragen of opmerkingen bij dit artikel? Stuur ze ons.