INTERVIEW ROEL STEENO

Roel Steeno: 'Als je met jezelf lacht, dan heeft niemand nog munitie'

Roel Steeno (52) werkt als publieksopwarmer én jurylid bij De Slimste Mens ter Wereld. Tussen de opnames door is hij bezig met zijn eerste zaalshow. 'Het is een redelijk eenzaam beroep: je hoort eigenlijk nergens bij.'

Gepubliceerd
Leestijd: 5 min

Roel Steeno is al lange tijd werkzaam als publieksopwarmer. Tijdens het drieëntwintigste seizoen van De Slimste Mens ter Wereld kreeg hij plots de vraag om zelf mee te quizzen. Hij schopte het tot in de finale, maar greep net naast de overwinning. Tegenwoordig doet hij mee als jurylid en is hij bovendien aan de slag als comedian. 

Steeno ontvangt ons bij hem thuis met een multivruchtensapje en een schaaltje oreo's. Hij laadt nog haastig zijn boodschappen uit voordat hij ons te woord staat. De grote kast vol cd's in zijn woonkamer getuigt van zijn liefde voor muziek. Wellicht niet toevallig was Steeno jarenlang actief als straattheaterartiest. Best ongewoon om doordeweeks overdag inkopen te doen in de Colruyt, toch? Wel, blijkbaar niet als je publieksopwarmer bent.

Hoe ziet het leven van een publieksopwarmer eruit?
Roel Steeno
: 'Zoals je ziet (het interview vindt op een maandagvoormiddag plaats, red.) moet ik overdag niet werken. In de namiddag vertrek ik naar het werk en dan beginnen de opnames. Afhankelijk van het programma kan het zijn dat ik tot middernacht bezig ben.'

'Omdat ik al jaren als publieksopwarmer aan de slag ben, heb ik ondertussen niet veel voorbereidingswerk meer. Ik praat vooral met het publiek en probeer daar grappige dingen uit te halen. Als dat niet lukt, val ik terug op een arsenaal aan mopjes dat ik al jaren gebruik.'

Heb je dan doorheen de jaren dé ultieme formule gevonden om mensen te laten lachen?
'Er zijn een aantal standaardgrappen die altijd wel werken, maar de ideale formule is natuurlijk heel moeilijk. Wat voor iemand grappig is, kan voor iemand anders minder grappig, aanstootgevend of flauw zijn.'

'Op die manier kom ik ook wel eens in ongemakkelijke situaties terecht. Zo heb ik eens gelachen met de handtas van een oude dame. Daar hing een vossenstaart aan en ik vroeg wat daar de bedoeling van was. Het bleek de staart van haar overleden hond te zijn.'

'Als comedian moet je tegenwind kunnen verdragen.'

'Gelukkig kon ze er uiteindelijk wel mee lachen, omdat ze zelfbewust was over de bizarre aard van het voorwerp. Dat is dan even pijnlijk in het moment zelf, maar ik heb mij er tot nu toe altijd wel weten uitlullen.'

Moet je dan niet heel extravert zijn als publieksopwarmer?
'Het is grappig dat je dat vraagt. Heel veel mensen schrikken wanneer ik vertel dat ik eigenlijk verlegen en redelijk asociaal ben. Op een podium staan of met een hoop onbekenden praten vind ik allemaal niet zo erg. Dan kan ik een persona aannemen. Op feestjes zal ik anderzijds eerder de stille in de hoek zijn.'

'Mijn job is trouwens redelijk eenzaam. Ik kom pas aan als de rest van de productie al een hele dag gewerkt heeft. Het is niet dat ze me uitsluiten, maar ik ben toch een beetje een buitenstaander. Op zich vind ik dat ook niet zo erg want ik kan goed alleen zijn.'

Voel je druk om grappig te zijn?
'Eigenlijk valt dat wel mee. Bij De Slimste Mens ter Wereld doe ik twee opnames op een dag, goed voor zes uur aan een stuk draaien. Van die zes uur ben ik misschien twintig minuten met het publiek bezig en dan krijg ik dat wel vol gebabbeld.'

'De mensen vragen mij vaak of ik het zelf niet beu wordt, publieksopwarmer zijn. En vaste klanten komen al eens zeggen dat ik geregeld dezelfde mop vertel. Als je daarover nadenkt, zijn dat eigenlijk vreemde opmerkingen. Tegen een postbode zeg je toch ook niet dat die elke dag hetzelfde doet. Dat is voor iedereen zo.'

'Ik daag mezelf wel uit om dezelfde moppen op een andere manier te vertellen, door te variëren in intonatie of timing. Een grap kan dan plots nog heel anders klinken.'

'Mijn allergrootste passie is muziek.'

Hoe blik je terug op je deelname aan De Slimste Mens ter Wereld?
'Ik zal misschien zelf even in de verf zetten dat ik het goed gedaan heb. Ik kwam er vlak voor de finaleweken bij en heb dan alle goede quizzers eruit geflikkerd. Aanvankelijk lieten ze me meer voor de grap deelnemen, maar dan werd het toch ineens serieus. Daar blik ik zeer tevreden op terug.'

'Ik zou graag nog eens meedoen. Nu heb ik 10 afleveringen meegedraaid en eindigde mijn avontuur in de finale. Ik wil weten hoe ver ik kan geraken als ik vanaf het begin meedoe. Is dat dan 15 keer, of 28 keer? Daar ben ik benieuwd naar.'

Twee van je humoristische rubrieken in de zomerprogramma's De Zwarte Doos en 1000 Zonnen en Garnalen zijn vroegtijdig geschrapt na klachten van kijkers die het te grof vonden. 
'Klopt.'

Vind je dat we overal mee moeten kunnen lachen?
'Dat is een heel moeilijk en gevoelig onderwerp, maar ik vind van wel. De Britse comedian Ricky Gervais heeft daar een interessante kijk op. Hij zegt: "Het is niet omdat je beledigd bent, dat je ook gelijk hebt." En daar kan ik mij in vinden.'

'Veel hangt af van hoe je publiek reageert. Als je een mop maakt voor honderd man en er zijn er twee kwaad, dan scheelt er iets bij die twee mensen. Als je een mop maakt voor honderd man en er is negentig man kwaad, dan zal er iets schelen met die mop.' 

'Op restaurant is dat ook zo. Als ik een slechte review lees, gaat mij dat niet tegenhouden om daar te gaan eten. Bij veel slechte reviews zal ik toch twee keer nadenken. Ik vind dus wel dat comedians rekening moeten houden met de noden en gevoelens van mensen, op voorwaarde dat het een grote groep is.'

'Er zal altijd iemand zijn die niet met je grappen kan lachen, wat overigens hun goed recht is. Ik ben zelf geen grote lacher wanneer ik naar comedyshows ga. Dat kruipt wel in je kop als je op het podium staat, maar als comedian moet je tegenwind kunnen verdragen.'

Binnenkort ga je op tour met je comedyshow Lelijke Rosse!. Vanwaar die naam?
'Dat was één keer in de spiegel kijken en het klusje was geklaard. (lacht) Daar zit een vorm van zelfspot in die te maken heeft met leeftijdsgenoten die vroeger met mijn ros haar lachten. Ik heb daar geen trauma's aan overgehouden, maar ik denk wel dat de oorsprong van mijn mondigheid en zelfspot daar een beetje ligt. Als je met jezelf lacht, dan heeft niemand nog munitie.'

Hoe kijk je naar de toekomst?
'Oei. Toekomst? Ik ben 52, dus veel toekomst is er niet meer voor mij. (lacht) Ik ga vooral blijven doen wat ik nu doe. Ik denk niet dat er veel oude publieksopwarmers zijn, en ergens lijkt het me grappig om als oud mannetje dat nog te blijven doen.'

'Ook de comedy wil ik verderzetten. Ik heb dat vijftien jaar gedaan en met corona is dat dan stilgevallen. Daarna had ik het te druk en is er niet veel meer van gekomen, tot nu.'

'Als ik wild mag dromen, kijk ik ook richting mijn allergrootste passie: muziek. Ik kan goed drummen, zingen en gitaar spelen, maar alles net niet goed genoeg om volwaardig muzikant te zijn. Misschien is een goede tussenweg een heel eclectisch radioprogramma waar de focus ligt op muziek en wat leuke feitjes. Ik wil het zeker proberen, al weet ik niet of ik een goede radiostem heb.'

Heb je vragen of opmerkingen bij dit artikel? Stuur ze ons.

Powered by Labrador CMS